Een gezicht recht in de lens, zachte belichting, een wazig achtergrondvlak. Je hebt dit portret al duizend keer gezien. Ik ook. En eerlijk: ik ben er een beetje klaar mee. Niet omdat het slecht is, maar omdat het onzichtbaar is geworden. Jouw ogen glijden erover heen als over behang. De interessantste portretfotografen van dit moment breken bewust met die formule. Ze snijden hoofden af, laten gezichten in schaduw verdwijnen of fotograferen iemand van achteren. Het resultaat? Beelden die blijven hangen als kauwgom onder een schooltafel. In dit artikel laat ik je zien hoe je zelf een alternatieve portretfoto maakt die wél opvalt tussen die miljarden kiekjes.
TL;DR: Een alternatieve portretfoto doorbreekt verwachtingen. Door bewust te spelen met compositie, belichting en perspectief maak je portretten die mensen dwingen om twee keer te kijken. Denk aan afsnijden, silhouetten, bewegingsonscherpte of het weglaten van het gezicht. Dit artikel geeft je concrete handvatten om vandaag nog je eerste onconventionele portret te schieten.
Het probleem met perfecte portretten
Scroll door Instagram en je ziet ze voorbijkomen: strakke portretten met een f/1.4-bokeh die je bijna kunt aanraken. Technisch perfect. Emotioneel leeg. Het punt is dat technische perfectie niet automatisch leidt tot een sterk beeld. Sterker nog, het werkt soms averechts. Wanneer alles klopt, is er niets dat wrijft. En wrijving is precies wat een foto nodig heeft om in je geheugen te kruipen. De Britse fotograaf Nadav Kander zei het mooi in een interview met British Journal of Photography: “I’m drawn to what feels unresolved.” Dat onopgeloste, dat ongemak, dat is waar de kracht zit van een alternatieve portretfoto. Je hoeft niet per se de regels te kennen om ze te breken. Je moet wel bereid zijn om het veilige pad te verlaten.
Wat hedendaagse fotografen anders doen
Platon fotografeerde Vladimir Poetin van zo dichtbij dat je zijn poriën kunt tellen. Het beeld is confronterend en bijna agressief. Rineke Dijkstra plaatst tieners op een strand in ongemakkelijke poses zonder enige opsmuk. Viviane Sassen draait lichamen tot abstracte vormen en laat gezichten verdwijnen achter armen of objecten. Wat deze fotografen delen is een weigering om het onderwerp te flatteren. Ze zoeken spanning in plaats van harmonie. Bij Sassen zie je soms niet eens wie de persoon is. Toch voelt het portret intiem. Dat is de paradox van de alternatieve portretfoto: door minder te laten zien roep je meer op. De kijker vult zelf de leegte in. Dat maakt het beeld persoonlijk voor iedereen die ernaar kijkt. Een foto van iemands rug kan meer vertellen over kwetsbaarheid dan een frontaal gezicht met een geposeerde glimlach.



Het silhouet als geheim wapen
Een van de meest onderschatte technieken voor een alternatieve portretfoto is het silhouet. Je belicht op de achtergrond en laat je onderwerp in duisternis vallen. Technisch simpel: spot-meet op het lichtste deel van je frame en je onderwerp wordt een donkere vorm. Wat overblijft zijn contouren, een houding, een gebaar. Ik maakte vorig jaar een serie silhouetten van een danser tegen een verlicht raam. Geen gezicht te zien. Geen details. Puur vorm en lijn. Mensen bleven ernaar staren op de expositie. Niet ondanks het gebrek aan detail, maar dankzij. Het silhouet dwingt de kijker om zelf een verhaal te construeren. Probeer het eens met een tegenlichtbron: een raam, een straatlantaarn of zelfs het scherm van een telefoon in een donkere kamer.

Lee Jeffries
Laat me je meenemen naar het werk van Lee Jeffries. Deze Britse fotograaf begon met het fotograferen van daklozen in Manchester. Zijn portretten zijn rauw, extreem dichtbij en oncomfortabel scherp. Hij gebruikt harde belichting die elke rimpel en elke porie uitvergroot. Het tegenovergestelde van flatterend. Toch zijn zijn beelden ongelooflijk krachtig. In een interview met HuffPost vertelde Jeffries: “I want to provoke a reaction.):I don’t want people to look at my work and feel nothing.” Zijn benadering is simpel maar compromisloos. Hij werkt met een 85mm-lens op korte afstand. Hij gebruikt geen reflectoren of softboxes. Het beschikbare licht doet al het werk. De nabewerking is dramatisch: hoog contrast, doorgedrukte texturen, soms bijna monochroom. Het resultaat is een alternatieve portretfoto die je niet snel vergeet. Wat mij hierin fascineert is dat de techniek helemaal niet ingewikkeld is. De moed om zo dichtbij te komen, zo direct te zijn, dat is het moeilijke deel.



Zo maak je zelf een alternatieve portretfoto
Je hebt geen studio nodig. Je hebt geen duur licht nodig. Wat je nodig hebt is de bereidheid om te experimenteren en een paar mislukkingen te accepteren. Begin met één simpele oefening: maak een portret zonder het gezicht te tonen. Fotografeer handen, een nek, een schaduw op de muur. Gebruik een langere sluitertijd van bijvoorbeeld 1/15 seconde en laat je model bewegen. De bewegingsonscherpte die ontstaat geeft een dromerige kwaliteit die haaks staat op de scherpe portretten waar we mee zijn dichtgeslagen. Nog een aanpak die ik graag gebruik: dubbelbelichtingen in de camera. Veel moderne camera’s hebben deze functie ingebouwd. Combineer een close-up van een gezicht met een textuur zoals bladeren of beton. Het resultaat is onvoorspelbaar en dat is precies het punt.
Vijf concrete technieken om te proberen
- Snij het hoofd af bij de neus of het voorhoofd. Laat de mond en kin het verhaal vertellen.
- Gebruik een flitser op vol vermogen recht in het gezicht. Denk aan het werk van Terry Richardson, zonder de controversie.
- Fotografeer door matglas, een natte ruit of een stuk plastic folie heen.
- Zet je ISO op 6400 of hoger en omarm de ruis als textuur.
- Maak het portret in de eerste of laatste twee seconden van een ontmoeting. Voordat de pose komt.
Al deze technieken hebben één ding gemeen: ze introduceren een element van imperfectie. En imperfectie is wat een alternatieve portretfoto onderscheidt van de eindeloze stroom gelikte plaatjes. Richard Avedon wist dit al decennia geleden. Zijn witte-achtergrond-portretten waren technisch eenvoudig. De emotionele lading kwam uit het moment, niet uit de setup. Dat geldt vandaag nog steeds. Je camera-instellingen zijn secundair aan je vermogen om iets echts vast te leggen. Durf lelijk te zijn. Durf onscherp te zijn. Durf het verkeerde moment te kiezen. In die fouten schuilt soms precies de foto die je niet vergeet. Ik daag je uit om dit weekend tien alternatieve portretfoto’s te maken. Post je favoriete resultaat hieronder in de reacties en vertel erbij welke techniek je gebruikte.
Veelgestelde vragen
- Welke lens is het beste voor een alternatieve portretfoto? Er is geen ideale lens. Een 85mm of 50mm werkt prima voor close-ups met bewegingsonscherpte. Een 24mm of breder geeft vervormingen die juist bijdragen aan een onconventioneel beeld. Kies de lens die past bij het effect dat je zoekt, niet bij de standaardregels.
- Hoe reageren mensen als je ze op een ongebruikelijke manier fotografeert? Leg vooraf uit wat je wilt bereiken. Laat voorbeelden zien op je telefoon van het type beeld dat je voor ogen hebt. De meeste mensen vinden het bevrijdend om niet te hoeven poseren voor een klassiek portret. Ze ontspannen juist sneller.
- Werkt een alternatieve portretfoto ook voor opdrachten en commercieel werk? Zeker. Merken als Acne Studios en Comme des Garçons gebruiken al jaren onconventionele portretfotografie in hun campagnes. De sleutel is dat je een portfolio opbouwt in deze stijl zodat opdrachtgevers weten wat ze kunnen verwachten.

Ik ben Jeroen. Ik maak foto’s, maar vooral omdat ik graag kijk. Echt kijk. Dat begon ruim twintig jaar geleden met een Nikon D50, gekocht rond de geboorte van mijn zoon. Sindsdien is fotografie voor mij verweven geraakt met aandacht, nieuwsgierigheid en het vastleggen van momenten die anders ongemerkt voorbijgaan.
Ik ben iemand die wil begrijpen wat hij doet. Daarom zit ik net zo graag in de techniek als in het beeld zelf. Tegenwoordig werk ik met een Fujifilm X-T50: compact, eigenwijs, en precies uitdagend genoeg om me scherp te houden. Ik word blij van uitzoeken waarom iets werkt — of waarom juist niet.
Naast fotograferen schrijf ik over fotografie. Niet om te laten zien wat ik weet, maar om anderen mee te nemen in dat ontdekproces. Ik hou ervan om ingewikkelde dingen simpel te maken, zonder ze plat te slaan. Of je nu net begint of al jaren fotografeert: er valt altijd iets nieuws te zien, te leren, te verbeteren. Dat enthousiasme delen, dát is wat me drijft.
