Vorige week belde Joyce me op. “Ik wil graag portretfoto’s maken, maar een studio huren is te duur,” zei ze. Ik begreep haar direct. Toen ik tien jaar geleden startte met portretfotografie, had ik precies hetzelfde probleem. Daarom richtte ik mijn eerste thuisstudio in, en dat veranderde alles. Binnen een paar uur had ik een werkende setup voor minder dan 300 euro. Nu, na jaren ervaring en honderden shoots, weet ik precies wat wel en niet werkt.
De basis van je thuisstudio
Een thuisstudio hoeft niet ingewikkeld te zijn. Je hebt drie essentiële elementen nodig: licht, achtergrond en ruimte. Laten we eerlijk zijn, natuurlijk licht is prachtig, maar onbetrouwbaar. Daarom investeerde ik in een eenvoudige flitser met softbox. Mijn eerste aankoop was een lED-lamp voor ongeveer 120 euro. Deze LED-lamp geeft continu licht, wat ideaal is omdat je direct ziet wat je doet. Geen verrassingen achteraf. Voor de achtergrond kocht ik een wit katoenen laken van 3×3 meter bij de stoffenwinkel. Totale kosten: 15 euro. Bevestig het met klemmen aan een gordijnroede of span het tussen twee lichtstateven. Denise, mijn collega, gebruikt zelfs een oude rol behang als achtergrond. Creativiteit wint het van budget.
Ruimte slim benutten
Je hebt minder ruimte nodig dan je denkt. Een kamer van 3×4 meter is voldoende voor portretfotografie. Ik werk in mijn logeerkamer, die precies die afmetingen heeft. Het geheim zit in de afstand tussen model en achtergrond. Plaats je model minimaal 1,5 meter voor de achtergrond. Hierdoor vallen schaduwen buiten beeld en krijg je een mooie bokeh als je met een open diafragma werkt. Volgens Kamera Express is dit de minimale afstand voor professionele resultaten.
Licht begrijpen en beheersen
Licht is alles in fotografie. Toen Joyce bij me kwam voor haar eerste thuisstudio-sessie, legde ik haar het basisprincipe uit: één lichtbron is genoeg om te starten. Plaats je hoofdlicht onder een hoek van 45 graden ten opzichte van je model, op ongeveer 1-2 meter afstand. Deze positie creëert natuurlijke schaduwen die gezichten dimensie geven. Meet je belichting met een lichtmeter of gebruik de histogram-functie op je camera. Streef naar een belichting waarbij de histogram mooi gecentreerd is, zonder uitgeknipte highlights. Bij ISO 100, diafragma f/5.6 en een sluitertijd van ongveer 1/125 seconde krijg je met een 60W LED-lamp op twee meter afstand perfect belichte portretten.

Het verschil tussen hard en zacht licht
Hard licht komt van kleine lichtbronnen en creëert scherpe schaduwen. Zacht licht komt van grote lichtbronnen en geeft zachte overgangen. Een softbox van 60×60 centimeter kost ongeveer 40 euro en maakt van je harde flitser een zachte lichtbron. Groter is zachter. Mijn 90×90 centimeter softbox geeft prachtig zacht licht dat huidimperfecties minimaliseert. Zoals fotograaf Gavin Hoey zegt: “The larger the light source relative to your subject, the softer the light will be.”
Uitrusting die je echt nodig hebt
Laten we praktisch blijven. Voor een werkende thuisstudio heb je dit nodig:
- Eén LED-lamp of flitser met softbox (120-200 euro)
- Twee lichtstateven (30 euro per stuk)
- Witte achtergrond van stof of karton (15-50 euro)
- Reflectiescherm of wit piepschuim (10-30 euro)
Totaal investeer je tussen 200 en 350 euro. Mijn eerste setup kostte ca .250 euro en ik gebruikte die twee jaar voordat ik uitbreidde. Het reflectiescherm is essentieel. Plaats het tegenover je hoofdlicht om schaduwen op te vullen. Ik gebruik een 5-in-1 reflector van 80 centimeter, maar Joyce werkt met wit piepschuim uit de bouwmarkt. Werkt net zo goed.
Technische instellingen voor je thuisstudio
Camera-instellingen in een thuisstudio zijn voorspelbaar, en dat is juist fijn. Ik werk standaard met handmatige modus. ISO stel ik in op 100 voor maximale beeldkwaliteit. Mijn diafragma staat meestal op f/5.6 voor portretten, wat genoeg scherptediepte geeft voor het hele gezicht maar de achtergrond mooi onscherp houdt. En soms f/8 als ik alles scherp wil. De sluitertijd hangt af van je lichtbron. Bij continu licht gebruik ik 1/125 seconde. Bij flitslicht mag je niet sneller dan je sync-snelheid, meestal 1/200 seconde. Test dit met je camera. Volgens Digital Photography School zijn dit de ideale uitgangsinstellingen voor studiofotografie.
Witbalans correct instellen
Witbalans bepaalt de kleurtemperatuur van je foto’s. LED-lampen hebben meestal een kleurtemperatuur van 5500K, wat daglicht simuleert. Stel je witbalans in op 5500K of gebruik een grijskaart voor perfecte kleuren. Ik fotografeer altijd in RAW-formaat, wat me achteraf volledige controle geeft over de witbalans. Joyce maakte aanvankelijk JPEG’s en had last van oranje huidtinten. Na de overstap naar RAW was dat probleem opgelost.
Veelgemaakte fouten vermijden
Na tien jaar thuisstudio-ervaring heb ik alle fouten wel gezien. De grootste: te veel licht gebruiken. Meer licht is niet beter. Eén goed geplaatste lichtbron met een reflectiescherm geeft mooiere resultaten dan drie slecht geplaatste lampen. Een andere fout is het model te dicht bij de achtergrond plaatsen. Dit creëert harde schaduwen die je foto’s amateuristisch maken. Houd minimaal anderhalve meter afstand aan. Ook belangrijk: let op reflecties in brillenglazen. Kantel je licht iets naar beneden of vraag je model de bril af te zetten voor een paar shots.
Je thuisstudio uitbreiden
Start simpel en bouw langzaam uit. Na zes maanden kocht ik een tweede lamp voor achtergrondverlichting. Dit scheidt je model van de achtergrond en geeft diepte. Plaats deze lamp achter je model, gericht op de achtergrond. Gebruik een lagere intensiteit dan je hoofdlicht, ongeveer de helft. Een haarlicht is mijn derde toevoeging geweest. Dit plaatste ik achter en boven het model, gericht op het haar. Het creëert een mooie lichtrand die het model doet oplichten. Deze lamp gebruik ik zonder softbox voor harder, gerichter licht.
Heb jij al ervaring met een thuisstudio? Deel je setup en resultaten in de reacties. Ik ben benieuwd welke creatieve oplossingen jullie hebben gevonden.

Ik ben Jeroen. Ik maak foto’s, maar vooral omdat ik graag kijk. Echt kijk. Dat begon ruim twintig jaar geleden met een Nikon D50, gekocht rond de geboorte van mijn zoon. Sindsdien is fotografie voor mij verweven geraakt met aandacht, nieuwsgierigheid en het vastleggen van momenten die anders ongemerkt voorbijgaan.
Ik ben iemand die wil begrijpen wat hij doet. Daarom zit ik net zo graag in de techniek als in het beeld zelf. Tegenwoordig werk ik met een Fujifilm X-T50: compact, eigenwijs, en precies uitdagend genoeg om me scherp te houden. Ik word blij van uitzoeken waarom iets werkt — of waarom juist niet.
Naast fotograferen schrijf ik over fotografie. Niet om te laten zien wat ik weet, maar om anderen mee te nemen in dat ontdekproces. Ik hou ervan om ingewikkelde dingen simpel te maken, zonder ze plat te slaan. Of je nu net begint of al jaren fotografeert: er valt altijd iets nieuws te zien, te leren, te verbeteren. Dat enthousiasme delen, dát is wat me drijft.
